Middenveld wil maximumfactuur in secundair onderwijs: ‘Groeiende ongelijkheid in scholen’

26.08.2019

De kostprijs van een schooljaar in het secundair stijgt. Het Netwerk tegen Armoede lanceert daarom vandaag een petitie voor een maximumfactuur in het secundair onderwijs. Ook de gezinsbond pleit voor zo’n factuur. ‘De ongelijkheid in onze scholen groeit.’

 

Onderwijs is gratis in België, maar niet kosteloos. Scholen mogen geen inschrijvingsgeld innen, een extra bijdrage van de ouders is in het secundair wel mogelijk. En die kostprijs stijgt sneller dan kan worden verwacht op basis van de stijging van het algemeen prijspeil, zo blijkt uit de laatste studiekostenmonitor. Om die stijging te drukken, moet er volgens het Netwerk tegen Armoede een maximumfactuur komen. Het basisonderwijs werkt al langer met zo’n factuur.

 

De vereniging van 59 armoedeorganisaties lanceert daarom vandaag een petitie waarin zij pleit voor een gedifferentieerde maximumfactuur, met één bedrag voor de eerste graad en verschillende formules voor de daaropvolgende jaren en studierichtingen. “Het dwingt scholen daarnaast ook om er op zijn minst over na te denken en idealiter een beleid te installeren”, zegt algemeen coördinator David de Vaal. “Sommige scholen zijn zich nog onvoldoende bewust van wat armoede inhoudt.” De resultaten van de petitie worden op 17 oktober, Wereldarmoededag, overgemaakt aan de volgende minister van Onderwijs.

 

Ook de Gezinsbond pleit voor een maximumfactuur. “De gemiddelde verschillen in de studiekosten in de eerste graad tussen scholen met een verschillende bovenbouw (aso, kso, tso, bso) zijn niet zo groot en dus is een graduele invoering van de maximumfactuur zeker haalbaar”, zegt Elke Vergaeren van de Gezinsbond.

 

 

GROEIENDE ONGELIJKHEID

 

Beide organisaties verwijzen naar de studiekostenmonitor van Leuvense academici, die becijferden dat de mediaanstudiekost voor een schooljaar in de eerste graad van het secundair 1.207,35 euro bedraagt. Gemiddeld kostte een schooljaar in 2017-2018 1.309 euro, in 2006-2007 was dat 913,5 euro. “Omgerekend naar prijzen van 2017 komt dit neer op 1.079,76 euro”, staat er in het rapport. Een stijging van 21,2 procent dus.

 

Die toename kan bijna volledig worden teruggevoerd op de spectaculair gestegen vervoerskosten. Leerlingen wonen vaker verder van school en komen meer met de auto. Maar ook als je die vervoersonkosten er uitfiltert, zijn er genoeg indicaties dat het uitgavenpatroon is veranderd en de ongelijkheid is gegroeid. Het bedrag voor meerdaagse schoolreizen is bijvoorbeeld verdubbeld, alleen nemen er nu minder leerlingen aan deel omdat niet iedereen dat kan betalen. “Dat minder kinderen meegaan op schooluitstap is een heel belangrijk teken dat er zich een groeiende ongelijkheid afspeelt in de scholen”, zegt De Vaal.

 

Ook wijst de monitor op de sterk gestegen kosten voor ICT als mogelijke bron van ongelijkheid. Dat kan problematisch zijn omdat digitale ongeletterdheid een groot probleem vormt, zeker bij de meest kwetsbare groepen van de samenleving.

 

Opvallend is het grote verschil tussen scholen, en dan vooral tussen de netten. In GO-scholen (946 euro) lagen de studiekosten het laagst. In het vrij gesubsidieerd onderwijs, waarvan het katholiek onderwijs het leeuwendeel uitmaakt, lagen die het hoogst met 1.272,86 euro. “In tegenstelling tot het gemeenschapsonderwijs moeten onze scholen een deel van hun werkingsmiddelen ook gebruiken voor infrastructuurwerken, omdat de overheid infrastructuurwerken in het vrij onderwijs slechts gedeeltelijk subsidieert”, klinkt het bij Katholiek Onderwijs Vlaanderen.

 

Bron: demorgen.be

Beeld: Wouter Van Vooren

 

Wens je de petitie ook ondertekenen? Dat kan hier.